Archief van categorie ‘Geen categorie’

Standplaats Zeeland: nummer 5

donderdag, 9 juni 2011

Stel je voor dat je directeur Ton Brandenbarg bij je langs komt met een idee: “We nodigen een vermaard (inter)nationaal deskundige uit. Hij of zij zit een week op mijn kamer en we organiseren allerlei soorten bijeenkomsten. Gedurende die week gaat de gast in debat met de Zeeuwse bevolking, politici, bestuurders, scholieren, ondernemers, organisaties en betrokkenen en geeft vanuit zijn of haar deskundigheid een visie op een voor de provincie Zeeland belangrijk thema. Is dat wat?” Ja Ton, dat is wel wat.

Zie hier de ontstaansgeschiedenis van Standplaats Zeeland. Je vraagt vervolgens een paar slimme mensen om in een adviescommissie te gaan zitten, zoekt sponsors, wijst een paar harde werkers aan voor de organisatie en voilà; een nieuw initiatief van de Zeeuwse Bibliotheek is geboren.

logostandplaatszeeland150Een initiatief waarbij je kunt laten zien dat een bibliotheek niet alleen een plek is waar je een boek kunt lenen en een boete moet betalen als je het te laat en alsnog ongelezen weer inlevert. Nee, de bibliotheek als ontmoetingsplaats waar je kennis kunt opdoen, waar je feiten kunt onderzoeken en meningen met anderen kunt delen.

Wat wel nodig is een directeur met een serieus balboekje en netwerk, immers wie nodig je uit en willen en kunnen ze ook komen?! Wubbo Ockels (geweldige inspirator met basisschoolkinderen tijdens het kindercollege) wilde en kon. Paul Schnabel (briljant, onderwerp doet er eigenlijk niet toe) wilde en kon. Louise Fresco (prachtig soeverein wetenschapper en schrijfster) wilde en kon. Alexander Rinnooy Kan (indrukwekkend knappe bruggenbouwer) wilde en kon.

Als vijfde gast verwelkomen we Jeroen van der Veer, voormalig topman van Shell. Vliegt nog steeds de hele wereld over omdat overal om zijn expertise wordt gevraagd. Door zijn overvolle agenda is het deze keer een eendaagse Standplaats Zeeland aflevering. (Inmiddels misschien ook gewaarschuwd door de vorige gasten; een Standplaats Zeeland week is zo intensief en vermoeiend dat ‘meerdaagse veldtocht Zeeland’ een betere naam zou zijn).

Jeroen van der Veer 2

Jeroen van der Veer

Op 16 juni staat een bezoek aan het Bio Base Europe Training Center op het programma. Het thema van de bijeenkomst is KANSEN VOOR ZEELAND: ENERGIE, CHEMIE & BIO-BASED ECONOMY.

Ook bij een minder lang bezoek kan en mag het Standplaats Zeeland Jongerencollege niet ontbreken. VWO 5 leerlingen van drie middelbare scholen hebben presentaties voorbereid en gaan in de Aula van de Zeeuwse Bibliotheek met elkaar en met Jeroen van der Veer in debat. Altijd een bijeenkomst om je op te verheugen; jongeren die een mening hebben en die, natuurlijk en volkomen terecht, hun eigen verhaal het beste vinden.

jonderendebat-1

Jongerendebat in 2010

Na een ontmoeting met politici en bestuurders ’s avonds en een werkontbijt de volgende ochtend, zit, terwijl wij de ontbijtboel opruimen, Jeroen van der Veer alweer in een vliegtuig. Standplaats Zeeland nummer 5: kort, maar zeer hevig.

Sip Beth, Communicatieadviseur

Een kast met bijzonder drukwerk

donderdag, 7 april 2011

In de Zeeuwse Bibliotheek staan honderden kasten gevuld met drukwerk, dus waarom zoveel aandacht voor die ene kast, de ‘schatkamervitrine’, op de eerste verdieping?

DSC03558Dat komt omdat in die kast op dit moment wel hele mooie drukwerken uitgestald zijn. Geen gewone boeken, maar kleurrijke werken waarbij je kunt zien dat er veel aandacht is geschonken aan vormgeving, papier, band, typografie en lettertype. Bovendien zijn er maar enkele van gemaakt. Dat zijn de bibliofiele drukwerken.

Deze bijzondere uitgaven zijn soms gedrukt voor een speciale gelegenheid, maar meestal omdat de drukker zo enthousiast is en het als liefhebberij zelf maakt op een eigen (hand)pers. De drukwerken zijn vaak gesigneerd en genummerd. In Nederland werken veel ambachtelijke, niet-commerciële drukkers. Zo ontstaan boeken, katernen, losse bladen met gedichten en verhalen, verfraaid met tekeningen, etsen en houtsneden. Van de pers De Klaproos komt een prachtig gedrukt recept: ansjovis met champignons en pijnboompitten (gesigneerd en genummerd, 2000).

IMG_5410
Recept: ansjovis met champignons en pijnboompitten
Reken voor ieder 8 á 10 verse ansjovisjes. Maak ze schoon, mes achter de kop, half insnijden en met een lichte ruk kop en ingewande n wegtrekken; buik opensnijden en de graat eruit. Misschien kun je schoongemaakte kopen. Spoel de visjes onder de koude kraan af en dep ze droog. Haal ze door wat bloem waaraan je peper en zout (of eigen kruiden naar smaak) hebt toegevoegd. Bak ze kort, elke kant 2 minuten, in de olijfolie is het het lekkerst.
De champignons voor ieder 1 á 2 ons in plakjes gesneden, met wat knoflook naar smaak in de olie (niet te royaal) bakken tot het vocht bijna verdampt is. Een hand pijnboompitten erbij en samen verder bakken tot het geheel er lichtbruin uitziet. Voeg wat zout en (verse) peterselie toe. Serveer er rijst, brood of in plakjes gesneden aardappel bij.

In Zeeland werken weinig ambachtelijke drukkers, maar er zijn genoeg Zeeuwse connecties te vinden. In de schatkamervitrine ligt bijvoorbeeld een druk van het boek ‘Roosje, eene vertelling’ van de Vlissingse Jacobus Bellamy. In 1990 drukte de Leidse Clipeus Pers 50 genummerde exemplaren. En het bibliofiele werk van H.H. ter Balkt met de titel ‘Op de rotonden’ (In de Bonnefant te Banholt, 1996) bevat bijvoorbeeld de gedichten ‘De bevrijding van Hulst (1645)’ en ‘De watersnoodramp 1953’. Er is nog veel meer.

Al dertig jaar worden deze bijzondere werken verzameld en de Zeeuwse Bibliotheek heeft intussen een omvangrijke en belangrijke collectie opgebouwd. De verzameling kan zich meten met andere bibliofiele collecties in Nederland, zoals die van de Koninklijke Bibliotheek, het Museum Meermanno, de Universiteitsbibliotheek in Amsterdam en de Bibliotheek Haarlem.

De verzameling is zelfs zo groot dat een deel nog niet bekeken kan worden. Honderden losbladige grote en kleine drukwerkjes worden op dit moment uitgezocht, op formaat gesorteerd, in dozen opgeborgen en gereed gemaakt voor raadpleging.

In de eerdergenoemde kast is een piepkleine selectie tentoongesteld. Het is moeilijk om drukwerken te kiezen voor een expositie. De meest opvallende of kleurige exemplaren zijn eruit gelicht. Het zijn allemaal kunstwerken.

Toch heb ik wel eens het idee dat een drukker een beetje doorslaat. Een uitgave met een bierflesje, een vaas of een aardewerk kippetje kan mij minder bekoren.

IMG_5365

Het leidt de aandacht voor het drukwerk te veel af. Een drukwerk vervaardigd naar het voorbeeld van een lontarhandschrift (handschrift op bladen van de lontarpalm) is weer wel passend.

De expositie is nog tot en met zaterdag 28 mei te bekijken.

Liesbeth van der Geest, Conservator Bijzondere Collecties

Sacha

donderdag, 24 februari 2011

Fotograaf: Dirk Jan Gjeltema

Fotograaf: Dirk-Jan Gjeltema


“…. Ja, hallo, Sacha, de lijn is erg slecht maar ik probeer… kan die echo van de lijn…. Ja, ik hoor je Sacha! Ik kan vertellen dat de situatie ook hier in Zeeland bijzonder verward is. Het Abdijplein is inmiddels volgestroomd met zowel voor- als tegenstanders.

Gisteravond hebben voertuigen geprobeerd het plein op te komen maar door de smalle poortjes van het Abdijcomplex is dat niet gelukt. Uit niet bevestigde berichten heb ik begrepen dat gisteravond plunderaars het Zeeuws Museum wilden binnendringen en daar tevergeefs hebben geprobeerd het omstreden schilderij van Mondriaan van haar haakje te trekken. Demonstranten hebben zich toen op de oude klederdrachten gestort en ik moet zeggen dat iedereen op het plein er nu warmpjes en kleurrijk bij loopt. Het negatieve reisadvies zou ondanks de gescandeerde leus “Welkom in Zeeland” nog steeds van kracht zijn en inmiddels gaat het gerucht dat de familie Peijs in een geblindeerde Veolia of Connexxionbus uit Middelburg is vertrokken en in de buurprovincie Noord-Brabant zou verblijven. Het Rode Kruis is begonnen babbelaars uit te delen en Artsen Zonder Grenzen hebben op de A58 een veldhospitaal ingericht waar dotterbehandelingen kunnen worden uitgevoerd en waar zelfs de eerste zwangere Walcherse vrouwen al zouden zijn bevallen. Ook elders in de provincie zou het onrustig zijn en zijn mensen de straat op gegaan. Uit Zeeuws-Vlaanderen komen berichten dat overal Zeeuws Vlaamse vlaggen wapperen en dat ongeruste bewoners bij gedeputeerde Wiersma in zijn zeer goed geïsoleerde woning op adem willen komen. Een groep ontpolderaars die uit pure frustratie alvast met een bouwput voor de tweede kerncentrale wilde beginnen, schijnt zichzelf te hebben vastgereden in de losgeschoten Oostbuis van de Westerschelde of Vlaketunnel. Ze wisten niet precies welke ….

Ja, ….. hallo, Sacha, hoor je me nog? …. Ik krijg net een tweet binnen dat Den Haag een politietrainingsmissie naar de opstandige regio Goeree Overflakkee overweegt! Er zou al een Kamermeerderheid voor gevonden zijn, o, nee, toch weer niet, volgens deze tweet, o, misschien toch. Lastig zou kunnen worden dat de dienstdoende hoofdagent voor het Zuid-Westelijk Deltagebied alleen tijdens kantooruren op het hoofdkantoor in Tilburg bereikbaar is, maar…hallo Sacha…… ik hoor net dat er toch verkiezingen komen!

Op naar de stembus!…Sacha?……. hoor je me nog?”

Sip Beth, PR-medewerker Zeeuwse Bibliotheek.

Deze column werd op woensdag 23 februari 2011 voorgelezen bij het lijsttrekkersdebat dat georganiseerd werd door de Zeeuwse Bibliotheek, de Provinciale Zeeuwse Courant, Omroep Zeeland en Scoop.

Expositie Bob Pingen: ARCAdia

maandag, 14 februari 2011

“Ben weer van mening veranderd, nou vind ik die andere toch mooier!”, zei het meisje van een jaar of tien dat vrijdagmiddag door de tentoonstellingsruimte in de Zeeuwse Bibliotheek huppelde. Even daarvoor vond de opening plaats van de expositie ARCAdia, schilderijen/2010 van Bob Pingen, te zien t/m 9 april 2011.

Namens de Jan van Leeuwen Stichting verwelkomde Ton Brandenbarg de bezoekers. De Stichting, opgericht 12 april 1994, stelt zich ten doel de in de Zeeuwse Bibliotheek aanwezige tentoonstellingsruimte aan te bieden aan hedendaagse kunst van goede kwaliteit, die op de een of andere manier met Zeeland te maken heeft. Daarbij wordt gedacht aan werk van beeldende kunstenaars die in Zeeland wonen en werken, maar ook aan dat van beeldende kunstenaars die zich door Zeeland laten inspireren. Adviseurs van de Stichting zijn Henk Koch, Kees Wijker en Wim Hofman. Deze keer viel Bob Pingen de eer te beurt. Deze Vlissingse kunstenaar exposeert al vanaf 1979.

In een uitgebreid artikel in het Zeeuws Tijdschrift, 1994, ‘De verovering van het grote vlak. Het werk van Bob Pingen’ wordt onze Zeeuwse kunstenaar geïntroduceerd en binnen de internationale kunstwereld geplaatst.

In ARCAdia toont Bob Pingen nu een reeks van 15 kleine doeken als uitkomst van zijn voortdurende zoektocht naar het ultieme schilderij. Kleurlagen schuiven over elkaar en vormen samen een staalkaart van lichtschakeringen die intens en geraffineerd is samengesteld. Pure schilderkunst die zich overtuigend kan meten met wat zich in de natuur voordoet, aldus een berichtje in de PZC. In de kunstrecensie ‘Het hoofd vol met waarnemingen‘ van Nico Out in de PZC (20-01-2011) is te lezen hoe het licht een hoofdrol speelt in de werken van Pingen. ‘Hij werkt met dunne kleurlagen. De kracht van zijn composities is gelegen in het spel van die over elkaar liggende lagen, subtiel schemeren ze over elkaar… Pingen benadrukt de ruimtelijkheid van de composities door af en toe langs de rand van een vorm iets van schaduw aan te brengen én door geraffineerd gebruik te maken van kleurcontrasten…’

Te midden van de kleurrijke schilderijen mocht de Zeeuwse dichter André van der Veeke de tentoonstelling van inleidende woorden voorzien. André memoreerde de tijd, zo’n dertig jaar geleden, dat hij Bob Pingen leerde kennen. ‘Alles of Niets‘ was de naam van het kunstenaarsgroepje waarvan André zelf de enige scribent was. Vooral de kennismaking met de naam Bob Pingen maakte indruk : echt een fascinerende naam voor een schilder, een sfeer van blauw, wit en groen daar omheen. De kracht die van de naam uitgaat.

Binnen de groep rondom het literaire tijdschrift Ballustrada namen kunstenaars het voortouw. Gelijktijdig betrad de abstracte schilderkunst van Bob Pingen een mystiek veld, stond boven het bestaande.

Als reiziger naar alle richtingen bleef hij Bob Pingen min of meer van grote afstand volgen. In het werk van Bob waardeert hij de aangename kleurtonen, de goed te verdragen lichtheid of being there. Optimistische schilderkunst: oppervlak, diepte en lichtheid tegelijkertijd. De verwantschap van Van der Veeke, de man van papier, met de schilder Pingen is treffend terug te vinden in de omslag van de dichtbundel ‘Rotterdam vertrekt’. Niet dat Pingen deze omslag heeft gemaakt maar HIJ HAD HET KUNNEN ZIJN…

Wat waardeer ik in deze expositie? Met betrekking tot de schilderijen gaat mijn voorkeur uit naar de groene en blauwe kleurenvelden in ‘Locatie (onbekend)’. Vervolgens de zachte kleuren in ‘Verticaal Grijs/Grijs’. Ook de doeken met titels als ‘Boogie’ en ‘Borderline’. Vooral deze laatste kan tot nadenken stemmen. In de conceptuele kunst verwijst de zeggingskracht van de titel samen met het beeld naar de achterliggende idee, bij ‘Borderline’ zie ik blauw, zwart, gevaarlijk rood en schuivende vlakken die als het ware een grote dissonantie laten zien. De beleving van Boogie is volstrekt anders, ga er maar voor staan.

André van der Veeke heeft iets met landschappen en kleuren. Grappig te zien hoe de omslag van zijn recente poëziebundel Blauw als ijs’ verrassend bordeauxrode kleurenvelden heeft. Uit deze bundel las hij het lange titelgedicht voor maar ook, met het oog op ‘Locatie (onbekend)’ het korte gedicht ‘Troostplek’, p. 37

Locatie (onbekend), 80×100 cm

TROOSTPLEK
Modderige wei
met bandensporen
Afwezigheid wordt
hardnekkig bewaakt
Overal knopen, lussen
rollen prikkeldraad
Desolate troostplek
keert zich af van
wat glanst of gloort

Mij rest alleen de absoluut irrelevante, maar toch interessante vraag: vind ik André van der Veeke een fascinerende naam voor een dichter. Jazeker, van der Veeke roept associaties op met de overkant, de grens over, Vlaanderen en Zeeuws, oude ambachten en het gewas vlas. Tijd om mij te gaan verdiepen in het ambacht en de woorden van deze dichter. Kleurtonen en woordenvelden zijn altijd prettig om waar te nemen. Dan horen jullie mij vast wel eens zeggen: “Ben weer van mening veranderd, eerst vond ik deze mooi maar nou vind ik die andere toch mooier.”

Nawoord over Arcadia:

André van der Veeke nam deel aan het project ‘Tekens in het land’, een initiatief van de tweejaarlijkse Kunstmanifestatie ‘De Muzen in Arcadia’, 2005.
Poëzie gecombineerd met tekeningen van Theo Jordans geven een doordringende en fantasievolle kijk op het zuidelijk landschap rond Aardenburg. Over kleuren gesproken, uit deze uitgave het volgende gedicht. Van en voor een kasteelheer die ergens in zijn Arcadia de vlasbloem weet of verlangt.

DE GLOED VAN VLAS

Niets is vluchtiger dan wit
dat verliest van blauw

De vloed van vlas
voordat de dag begint

Na zonsopgang ebt
het melkblauw al weg

Blijft als gloed
hangen in de lucht

Wordt opgeslagen
als verlangen.

Verticaal Grijs/Grijs, 60-40 cm

Anke Nijsse, medewerker Onderwijsbibliotheekdienst

*Dit blog is ook verschenen op het privéblog van Anke Nijsse; Zeeuws Knoopje.

Het heden wordt overschat

vrijdag, 19 november 2010

SLAZ-lezing 16 november: een avond met P.F. Thomése

“Het heden wordt overschat: er is meer verleden dan heden“. “Hoe verhoudt zich het verhevene tot het banale?” en meer van dit soort scherpzinnige visies op de realiteit klinken dinsdagavond 16 november door de -jammer genoeg- maar half gevulde aula van de Zeeuwse Bibliotheek. Het publiek is ouder dan ik had verwacht, maar hangt desalniettemin als jeugdige bewonderaar aan zijn lippen.

Wat literaire critici allang weten, ontdek ik deze avond: Thomése is een two-faced writer. Enerzijds toont hij met historische romans vol lichte ironie een oeuvre aan ingetogen fictie. Met Vladiwostok! en J. Kessels: The Novel laat hij zich van een radicaal andere zijde zien; die van schmierende schelm. Zelf ken ik Thomese vooral van deze laatste krankzinnige kant en dankzij de grillen van J. Kessels (was hij nou ooit bibliothecaris of niet?) weet ik dat Sankt Pauli in het Duitse Hamburg behalve een bruisend stadsdeel ook een heuse cultclub is binnen de Bundesliga, compleet met piratenvlag en Totenkopf.

Schaduwkind (2003) betekende een breuk in zijn oeuvre, een breuk die overigens in het niet valt bij de ramp in het persoonlijke leven van de schrijver die eraan voorafging. Het (autobiografische) boek handelt over de dood van zijn zes weken oude dochtertje. Thomése opent de lezing met een aantal ontroerende en intens trieste fragmenten.

Zo lijken er aan de vooravond van de verschijning van de Weldoener, zijn nieuwste boek, wel haast twee Thoméses te bestaan, Schaduwkind daargelaten. Totdat de schrijver in kwestie bedachtzaam korte fragmenten begint voor te lezen uit de roman over het tragische leven van componist Sierk Wolffensberger (Theo Kiers voor de burgerlijke stand). De luisteraar komt die avond al snel tot de slotsom dat Thomése zichzelf heeft overtroffen met de Weldoener. Het verhevene en het banale zijn in balans en weemoed en verlangen en innemende vunzigheid wisselen elkaar af.

De Weldoener: een samenvatting (uit: recensie Parool)
untitled
 
Hoofdpersoon is het type van de Bijbelse aansteller: ‘Theo Kiers heette hij vroeger, voordat hij zich om artistieke redenen Sierk Wolffensberger is gaan noemen, wat toch heel wat beter klinkt.’
In onze tijd heeft hij een enigszins ouderwets aandoend beroep: hij is plaatsvervangend stadskoordirigent in de provinciestad H***, een stadje waar overigens zonder al te veel problemen Haarlem in te herkennen is. Maar onze Theo, of Sierk, beschouwt zichzelf eigenlijk als een groot componist, een groot kunstenaar. Hij heeft zojuist een groots muziekwerk gecomponeerd, getiteld Duisternissen. En dan is hij natuurlijk ook ongelukkig getrouwd.
Onze componist vindt in een verborgen nis in de kerk, waar Duisternissen zal worden uitgevoerd, een meisje, ‘Beertje’, dat een zelfmoordpoging heeft gedaan. Door zijn tussenkomst gaat ze niet dood. Maar Theo, alias Sierk, heeft wel het gevoel dat hij nu met dit meisje een grens heeft overschreden. Ze zijn in een ander gebied beland, een gebied dat zich ergens ná het leven bevindt, en daar ziet alles er anders uit. Als in een droom gaat hij er dan ook met dat meisje, aanvankelijk nog enigszins halfslachtig, maar later voluit, vandoor.
En daar is Thomése op zijn best, in het oproepen van de droom van de verwarde componist. Dan komen ook die kenmerkende zinnen van Thomése, met tientallen tegelijk: ‘Hij bestaat niet, dat moet het zijn, en door niet te bestaan maakt hij de gebeurtenis mogelijk. Het gebeurt door hem en tegelijk buiten hem om.’ Het zal niet goed aflopen, maar via de duisternis die Thomése weet te creëren, en via de blikken die we via die betoverende verteller krijgen in het hoofd van de ontspoorde koordirigent, krijgen we wel degelijk weer een andere kijk op onze eigen werkelijkheid. Met deze roman is het Thomése wederom gelukt alles er anders uit te laten zien dan je dacht dat het was.

Evenals het overgrote deel van het publiek in de aula van de Zeeuwse bibliotheek had ik De Weldoener nog niet gelezen. Echter zelden heeft een schrijver mij zo met zijn goed gekozen passages en zorgvuldige woorden getriggerd dit binnen zeer afzienbare tijd te doen. De twee Thoméses lijken één geworden en ik wil het beleven en wegzinken in deze veelbelovende roadnovel.

Janette Zuydweg, Vakreferent Kunst

 

Ma Bellamy

donderdag, 5 augustus 2010

3ec94145-c2da-4111-997e-86ee7e1c3097_1192456768252-bellamyweb

Op Walcheren is de naam Bellamy vooral bekend door het Bellamypark. Toen ik via Google zocht met de woorden: Bellamy Wikipedia  kreeg ik niet onze Bellamy, maar de voetballer Craig Bellamy uit Wales op mijn scherm. Ook Edward Bellamy moet een bekende schrijver zijn in Amerika en Matthew een musicus.

Voor de Vlissingse Bellamy moet ik dus Jacobus Bellamy in Wikipedia intypen. De informatie die daarin staat is vrij beknopt. De site van Literatuurgeschiedenis uit de achttiende eeuw geeft een beter beeld van de persoon en zijn belang voor de Nederlandse letteren.

Waarom een blog over Bellamy? In de handschriften van de Zeeuwse Bibliotheek zit een grote collectie brieven van Bellamy. Ze zijn ofwel door hem geschreven of aan hem gericht. Het zijn soms humoristische, soms droefgeestige brieven, bedelbrieven om geld, verzoeken om gedichten te publiceren en vriendschappelijke brieven.  Zelf schrijft hij: “gekke” brieven, “zottissisme” aan zijn vrienden zijn er om zijn “verstandige brieven in een helder licht te plaatsen” en, voegt hij er “heel zagtjes” aan toe: die gekheid is nog zoo extra gek niet!  Het luimige, vrolijke noemt hij voor zichzelf even noodzakelijk als springen en lopen. Een veiligheidsklep. Vaak is er een grote “somberheid” in hem, “pijn in zijn ziel” noemt hij het. “De ondragelijkste, afmattendste soort van pijnen die er in dit jammerdal bekend zijn”.  Een selectie van zijn gedichten is te vinden via de site  gedichten.nl

Terug naar zijn brieven. Die zijn voor een groot deel te lezen in de twee dikke pillen van J. Aleida Nijland. Zij schetst het ‘Leven en werken van Jacobus Bellamy’ aan de hand van zijn brieven en gedichten. In 1779 schrijft hij een verslag over het stranden van het schip de Woestduin aan Gabriel Manne.

In 1782 vertrekt hij naar Utrecht en schrijft hij naar zijn geliefde moeder, naar Ds. Broes, naar vrienden en via vrienden naar zijn geliefde Fransje.  Grappig zijn de tekeningetjes die hij soms maakt, zoals die keer dat hij bij een pruikenmaker was en zichzelf met pruik weergaf. Meestal zet hij zijn eigen naam onder de brieven als is dat dan vaak Bellami met een i en geen y. Verder gebruikt hij het pseudoniem Zelandus.

Jacobus Bellamy is niet oud geworden. Tijdens de strenge winter van 1786 vat hij kou en schrijft hij zijn laatste, bijna onleesbare brief: “heele nagten verschriklijk hoesten, zonder dat er iets voor de dag komt. De Dr. begrijpt niet hoe ik het uihou en ik ook niet”. Op 11 maart overlijdt hij, zijn vrienden Jan Hinlopen en Willem Carp waakten bij hem. Tijdens een plechtige begrafenis wordt hij in Utrecht in de St. Nikolaaskerk begraven. Er verschijnen verschillende gelegenheidsgedichten over Bellamy na zijn verscheiden.

In 1793 en 1794 schrijft Jan Willem van Sonsbeeck brieven naar Jan Hinlopen, Wilhelmus Carp en anderen met de vraag om gegevens over Bellamy. Een biografie schrijven lukt hem niet. Ook doet hij een pleidooi om de brieven van Bellamy bij elkaar te brengen. Blijkbaar is dat wel gelukt,want een latere neef van hem schenkt in 1854 de Bellamiana aan het Zeeuwsch Genootschap. En wij beschrijven die brieven zodat er weer onderzoek gedaan kan worden naar de literaire en politieke waarde van onze Bellamy.

En al mijmerend over Bellamy zit voortdurend het liedje Ma belle amie in mijn hoofd …

Cocky Klaver, Zeeuws Documentatiecentrum

De krant van gisteren

maandag, 14 juni 2010

Ik zal niet snel de opening van onze krantenbank in januari 2007 vergeten. Geheel onwetend van dit machtige biografische wapen –waar menig geheime dienst twintig jaar geleden jaloers op zou zijn geweest- werden net als op google persoonsnamen ingetikt. Dit leidde tot ontdekkingen die sommige deelnemers liever onder het zand begraven hadden gelaten, want niet alleen de latere hoogtepunten in ons leven worden in de krant gemeld.

Enthousiast en vol ongeduld was het dan ook wachten tot 27 mei 2010; het moment waarop onze nationale schatbewaarder, de KB, haar krantenbank zou openen. De sprekers van die middag bleken op geen enkele uitzondering na biografische gegevens te hebben gezocht van personen die wel eens iets hadden uitgevroten dat zij liever geheim hadden gehouden.

Zo wist sporthistoricus Jurryt van de Vooren – redacteur van sportgeschiedenis.nl- het geheime liefdesleven van een Nederlands/Engelse bokser te ontrafelen, die, zonder dat de wederhelften het wisten, in Engeland én Nederland was getrouwd. Ook legde hij op pijnlijke wijze de rol van prins Bernhard bloot in de Greet Hofmans affaire. Het was de prins zelf die, op de terugweg van het hippische nummer op de Olympische Spelen in Zweden in 1956! -u leest het goed- Hamburg aandeed om Der Spiegel over de gebedsgenezeres te informeren.
ac4december1813
De Amsterdamsche Courant van 4 december 1813.

De meeste oude kranten zijn slechts één foliovel groot, aan de voor- en achterzijde bedrukt; vaak zijn de marges ook nog overdwars bedrukt, opdat elke centimeter papier werd gebruikt. De krant ‘opende’ met de oudste berichten: eerst nieuws van veraf (West- en Oost-Indië en Afrika). Dat nieuws stond op datum, maar kon meer dan een half jaar oud zijn. Vervolgens vertalingen van artikelen uit onder meer Italië, Duitsland, Engeland en Frankrijk. Daarna volgden recentere berichten uit eigen land, gevolgd door ongedateerde berichten met ‘gemengd nieuws’. De krant besloot met officiële mededelingen en advertenties, als die er waren.

Veel mensen denken dat de Opregte Haarlemsche Courant de oudste Nederlandse krant is, of zelfs de oudste krant ter wereld, maar dat is niet zo. Het eerste nummer van die krant verscheen in 1656. De oudste gedrukte kranten, met nieuws uit heel Europa, verschenen in 1605 in Duitsland. De oudste Nederlandse krant, gedrukt in Amsterdam, dateert van 14 juni 1618; en die de Courante uyt Italien, Duytslandt & c., is opgenomen in de krantenbank van de KB. Binnen anderhalf jaar zullen op die website ruim acht miljoen historische krantenpagina’s te raadplegen zijn, van 1618 tot 1995. De eerste miljoen pagina’s zijn al online.

Wat veel mensen niet weten of beseffen is dat de krantenbank van de ZB bij de top drie van Nederland hoort. Na die van de KB en de Leeuwarder Courant is de krantenbank van de ZB de derde grootste van Nederland met ongeveer een half miljoen pagina’s aan kranten van Zierikzeesche Courant tot Noord-Bevelands Nieuws- en advertentieblad van 1798 tot en met 1998. Ruim twee eeuwen krantengeknisper dus.
mco-1895-01-01-001
De Middelburgsche Courant van 1 januari 1895

Voor Zeeuwse onderzoekers is het beste nieuws dat de Middelburgsche Courant nu eindelijk grotendeels ontsloten is. Op onze eigen website is de krant binnenkort vanaf 1855 raadpleegbaar (grote delen tot en met 1940 zijn al in te zien). Bij de KB kan de Middelburgsche Courant vanaf haar start, van 1758 tot en met 1827 worden bekeken. Samen met de KB biedt de ZB vanaf juli 2010 de complete Middelburgsche Courant aan; inclusief de Franse jaren toen de krant door het leven ging als het Journal du département des Bouches de l’Escaut. Begin 2011 zal de Middelburgsche Courant vanaf 1758 tot en met 1940 op krantenbankzeeland.nl te zien zijn.

Steeds vaker constateer ik dat journalisten en onderzoekers gebruik maken van de Zeeuwse krantenbank. Zo stond pas geleden een verwijzing naar de Vlissingsche Courant van 1939 in de Volkskrant van 10 mei en in het pas verschenen boek ‘Bromsnor in Zeeland’ blijkt dat historicus Albert Kort alle digitale Zeeuwse kranten heeft nagezien op de verrichtingen van de dorpsveldwachter.

Voordat eenieder de foute voorouders van zijn gehate buurman of -vrouw gaat opzoeken, wil ik toch nog wijzen op de andere meerwaarde van dit medium. De krantenbank is een ongelimiteerde historische bron die de gebeurtenissen weergeeft zoals ze door onze tijdgenoten werden geconsumeerd; hoe zij daarop reageerden en wat daarbij werd gevoeld. Ook is het een lexicografische schatkist waaruit veel van onze taal kan worden geleerd.

In cultureel en anthropologisch opzicht is het interessant te zien hoe de zuilideologische achtergrond van een krant doorwerkte in de berichtgeving: kregen de katholieken ook daadwerkelijk katholiek nieuws voorgeschoteld? Wie goed door de kranten van de tijd heen grasduint zal verrast zijn over de felle polemieken die in de loop van de tijd over thema’s zijn gevoerd die nu allang passé of geaccepteerd zijn. De pro-Amerikaanse houding van noordwest-Europa vanaf de jaren vijftig lag namelijk voor de oorlog geheel anders. Of neem de sportbeoefening; al die tienduizenden in de stadions. Dat was toch verdwazing van de mensheid?
vco-1932-10-19-005
Commentaar op de sportbeleving in de Vlissingsche Courant van 19 oktober 1932

Bronvermelding:  de historische bronnen zijn ontleend aan een artikel van Ewoud Sanders in NRC Handelsblad, 26 mei 2010, pag. 18

Johan Francke, informatiespecialist  Zeeuws Documentatiecentrum

BAZAR-project feestelijk afgesloten

dinsdag, 8 juni 2010

Ontmoeting met schrijfster Corien Botman
Op maandag 7 juni is het project BAZAR feestelijk afgesloten. BAZAR is een leesbevorderingsprogramma voor het vmbo. Vier jaar lang werkten de Christelijke Scholengemeenschap Walcheren (locaties Bestevaêr en Toorop), het Scheldemond College, Bibliotheek Vlissingen en de Zeeuwse Bibliotheek samen in dit project.

Ongeveer driehonderd brugklasleerlingen kwamen naar de Zeeuwse Bibliotheek om deel te nemen aan allerlei activiteiten:

  1. een voorleeswedstrijd
  2. de film Stormbreaker
  3. een ontmoeting met schrijfster Corien Botman, bekend van de boeken Schaduwspits, Lijf mijn lief, Prinsenleven en Hou van mij
  4. storyboard schrijven met Raimond van Soest: cartoonist, illustrator en storyboardtekenaar
  5. raps maken met Virgil Piqué, voormalig lid van de Zeeuwse band ‘De Hobbyisten’.
  6. stiftgedichten schrijven met Judy Elfferich
  7. een workshop theater onder leiding van Remy van Keulen
  8. kaftje kijken met Alice Speckmann
  9. vliegende reporters, onder leiding van Edith Ramakers, lezersredacteur van de Provinciale Zeeuwse Courant.

Vliegende reporter aan het bloggen

De verslagen van de Vliegende Reporters zijn te lezen, te zien en te horen op bazarwalcheren.blogspot.com, het YouTubekanaal en de Flickrpagina van de Zeeuwse Bibliotheek. Het was een erg geslaagde middag.

Henk Kosters, jeugdafdeling

Het bombardement op Middelburg

donderdag, 6 mei 2010

Tussen de Zeeuwse Bibliotheek en het bombardement op Middelburg zitten veel ‘links’. De belangrijkste en meest ingrijpende is de teloorgang van het mooie pand van de Provinciale Bibliotheek aan de Lange Delft en de brand- en waterschade aan boeken en handschriften.

Een afgewogen beschrijving van het bombardement is te vinden op Geschiedeniszeeland.nl Dit geeft een totaal ander beeld dan de fragmentarische verslagen van diverse ooggetuigen. Voor mij een eye-opener.

Verschillende activiteiten rond de herdenking van het bombardement zijn door SCEZ gegroepeerd. De gemeente Middelburg en het Zeeuws Archief besteden ook veel aandacht aan de 70 jarige herdenking. Onder de noemer Het vergeten bombardement is alles bij elkaar gebracht.

Als Zeeuwse Bibliotheek zijn we op veel manieren betrokken bij activiteiten. Jaarlijks komen er groepen scholieren in het kader van een project over het bombardement binnen het omgevingsonderwijs. In een vitrine liggen dan onder meer de resten van een verbrand Middeleeuws boek uit de voormalige Provinciale Bibliotheek. Foto’s van het bombardement zijn te zien via  Beeldbank Zeeland, boeken via de catalogus en ook verwijzingen naar tijdschriftartikelen. Op de tweede verdieping is van 27 april t/m 19 juni een expositie over het bombardement op Middelburg. Van 4 mei t/m 26 juni is de schatkamervitrine op de eerste verdieping gevuld met documentatie over de Tweede Wereldoorlog.

Persoonlijk ken ik de verhalen over het bombardement van mijn ouders, oom en tante. Zoals velen waren ze gevlucht uit de stad en bivakkeerden in een schuur. Veel indruk maakte het branden en instorten van de Lange Jan. Thuisgekomen bleek het huis van de familie Klaver gespaard. Wel moest mijn opa veel dakpannen en ruiten herstellen. Met mijn oom mag ik naar de bijeenkomst van de Ooggetuigen in het oude stadhuis. Het lijkt me bijzonder om op die manier betrokken te zijn bij een gebeurtenis die veel sporen heeft nagelaten.

Een van die sporen is verwerkt in het kunstproject De Explosie van de kunstenaar Ko de Jonge. De Stenen des aanstoots, die overal in de stad te vinden zijn, komen uit de gevel van de voormalige Provinciale Bibliotheek.

1877393933_58262fd800

Cocky Klaver, Zeeuws Documentatiecentrum

Zuid-Korea en de Zeeuwse Bibliotheek

maandag, 26 april 2010

Bezoekers uit de hele wereld raadplegen de collectie van de Zeeuwse Bibliotheek: in de bibliotheek zelf of via het internet. Eind vorig jaar kwam een kleine Zuid-Koreaanse filmploeg langs. Nee, niet zomaar, zij waren op zoek naar het verhaal achter het zeventiende eeuwse VOC-schip genaamd de Corea. De zoektocht zou uitmonden in een documentaire op de Zuid-Koreaanse tv.

DSC02582ZB

Enkele weken geleden kreeg ik het resultaat in handen en de dvd ligt nu op mijn bureau. Het is een indrukwekkende en interessante documentaire geworden: niet dat mijn Koreaans zo goed is en dat ik alles begrijp, maar gelukkig zeggen beelden ook heel veel.

Kennen de Koreanen Nederland? Jazeker, en echt niet alleen van voetbalcoach Guus Hiddink. De Nederlander Hendrick Hamel is misschien nog bekender. Kent u deze Hamel? Aan het einde van de 17e eeuw belandde Hendrick als schipbreukeling in Zuid-Korea en beschreef zijn belevenissen in zijn reisjournaal (1653-1666). Er zijn verschillende boeken over hem te lezen.

De Koreanen zijn zeer geïnteresseerd in de eigen geschiedenis en het schip Corea spreekt tot de verbeelding. Wat was het voor schip? Op zoek naar meer informatie kwamen de Koreanen naar het Nationaal Archief in Den Haag, waar het rijke VOC-archief wordt bewaard. Het spoor leidde ook naar Zeeland, naar de Middelburgse maritiem historicus Ruud Paesie en naar de Zeeuwse Bibliotheek. Het bleek dat het schip Corea aan het einde van de zeventiende eeuw op de scheepswerf in Middelburg was gebouwd.

Na een rondwandeling door de kleine straatjes van Middelburg toog het gezelschap naar de Kousteensedijk en toonde Paesie de Koreanen zeventiende eeuwse boeken met teksten over het VOC-schip en gavures van de Middelburgse scheepswerf. Zij gingen terug in de tijd.

DSC02596SM

Heel illustratief bleek een ets van Middelburg uit ‘De nieuwe cronyk van Zeeland’ van Mattheus Smallegange uit 1696. Vooral als je inzoomt op de tekening van Cornelis Goliat van de Middelburgse werf zie je schepen in aanbouw liggen.

Een prachtige kaart uit de atlas van Blaeu, Toonneel der steden van de Vereenighde Nederlanden uit ca. 1649 verlevendigde het beeld en het werd helemaal leuk toen in het boek van C.S. Matthias, Kort gevat Jaarboek uit 1668 het schip de Cornea werd gevonden. Dat moest de Corea zijn!

DSC02594

De dvd met het Koreaanse commentaar wordt binnenkort in de collectie van de Zeeuwse Bibliotheek opgenomen.

Liesbeth van der Doe, Wetenschappelijk medewerker Zeeuws Documentatiecentrum

Zoeken

Pagina's

Deel dit weblog

Share |

Vorige bijdragen

Links

Twitter